Stagnatie ontwik­ke­lingen spoor Almere – Amsterdam/Utrecht


On the road to nowhere...

Indiendatum: 14 okt. 2020

Het college wordt verzocht de volgende vragen schriftelijk te beantwoorden:

1. Bent u net zo teleurgesteld als de Partij voor de Dieren dat in het door het rijk gekozen model er minder treinen rijden dan in 2013 was afgesproken (16 treinen in plaats van 18 treinen), dat het aantal en snelheid van de treinen richting Utrecht niet uitbreidt en dat het patroon minder gelijkmatig is dan bij ‘spoorboekloos reizen’ verwacht mag worden: de treinen liggen minder gelijkmatig over het uur gespreid.”? Zo nee, waarom niet?

2. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat hier sprake is van een ernstige stagnatie van de ontwikkelingen op het spoor? Zo ja, wat gaat u hieraan doen? Zo nee, waarom niet?

3. Op dit moment is het spoor tussen Almere en de regio Amsterdam al zwaar overbelast en zouden maatregelen op de korte termijn nodig zijn. 2029 is veel te laat, bovendien zijn dat maatregelen die nu nodig zijn. Tegen die tijd zijn er waarschijnlijk alweer veel verdergaande maatregelen nodig. Ben u dit met ons eens? Zo nee, waarom niet?

4. Ook de verbinding tussen Almere en Utrecht is op dit moment ver beneden peil, zowel qua frequentie als snelheid. In 2029 lijkt hierin niets te gaan verbeteren. Bent u het met ons eens dat dit totaal onacceptabel is en er zo spoedig mogelijk een sneltrein/Intercity naar Utrecht dient te komen, die concurrerend is met verbinding per auto op dat traject? Zo nee, waarom niet?

5. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat het helemaal schrappen van Intercity’s naar Amsterdam Centraal, i.p.v. het oorspronkelijk geplande 4x per uur, onacceptabel is en de toegenomen reistijd en het ongemak mensen weer de auto in zullen jagen? Zo nee, waarom niet?

6. Mist u net als de Partij voor de Dieren een echte lange termijnvisie van dit kabinet op de toekomst van het OV in het algemeen en het spoor in het bijzonder voor deze regio (Almere, Amsterdam, Utrecht)? Zo nee, waarom niet? Zo ja, gaat u hier bij de minister op aandringen?

7. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat het onverteerbaar is dat het spoor niet dezelfde aandacht, urgentie en financiële middelen krijgt als het autoverkeer. Wat ertoe leidt dat het autoverkeer kan blijven groeien en het spoor stagneert? Zo ja, wat gaat u hiermee doen? Zo nee, waarom niet?

8. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat dit gebrek in aandacht, urgentie en financiële middelen ook niet bij draagt bij onze gezamenlijke doelstellingen op gebied van klimaat, stikstof en luchtkwaliteit? Zo ja, wat gaat u hiermee doen? Zo nee, waarom niet?

9. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat het onacceptabel is dat het Rijk haar oorspronkelijke afspraken en ambities op OV-SAAL niet na komt en deze alsnog onverkort uitgevoerd zouden moeten worden? Zo ja, hoe gaat u dit overbrengen aan het rijk? Zo, nee waarom niet?

10. Bent u het met ons eens dat alleen een (gedeeltelijke) verdubbeling van het spoor een echte oplossing naar de langere termijn is, als we onze doelstellingen op gebied van groei van het OV en daarmee klimaat, stikstof en luchtkwaliteit willen halen? Zo nee, waarom niet?

11. Bent u het met ons eens dat een deel van de ambities en doelstellingen van de net door de raad vastgestelde mobiliteitsvisie hiermee in gevaar komt? Zo ja, wat gaat u daaraan doen? Zo nee, waarom niet?

12. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat de tijd van pappen en nathouden en zachtjes lobbyen voorbij is en nu stevige actie richting het rijk nodig is? Zo nee, waarom niet?

Toelichting:
De Partij voor de Dieren maakt zich al geruime tijd zorgen over de ontwikkelingen op het spoor tussen Almere en Amsterdam/Utrecht en heeft hier onder andere via moties eerder aandacht voor gevraagd. Onze fractie is dan ook uitermate onaangenaam verrast en teleurgesteld over de inhoud van de raadsbrief van 6 oktober 2020 over het besluit OV-SAAL. Daaruit blijkt dat in het gekozen model vanaf 2029 minder treinen gaan rijden dan in 2013 was afgesproken (16 treinen in plaats van 18 treinen), dat het aantal richting Utrecht niet uitbreidt en dat het patroon minder gelijkmatig is dan bij ‘spoorboekloos reizen’ verwacht mag worden: de treinen liggen minder
gelijkmatig over het uur gespreid.
Deze ontwikkelingen staan ook haaks op de zojuist door de raad aangenomen mobiliteitsvisie.