08 april 2026

Onze bijdrage aan het duidingsdebat

Wij blijven vechten voor alles wat kwetsbaar is!

Voorzitter,

Terwijl wij hier deze feestelijke avond vieren, staat de wereld in brand. Oorlogen, miljoenen mensen en dieren ontheemd en verjaagd. Tienduizenden onschuldige mensen en miljoenen dieren vermoord. Er heerst rechtenloosheid. 

Internationaal lijkt alleen het recht van de sterkste nog te gelden. Iets wat we helaas in de gehele geschiedenis van de mensheid terugzien. 
De dieren waren hier de eerste slachtoffers van. En die zijn tot op de dag van vandaag, hier ook nog steeds de grootste slachtoffers van. Elke dag worden er in Nederland 1,8 miljoen dieren vermoord. Alleen omdat wij sterker zijn.

Waar gaat het heen met deze wereld waarin mensen- en dierenlevens zeer weinig waard lijken?  
Waarin steeds meer het “ikke, ikke, ikke en de rest kan stikken” lijkt te gelden.
Is er in deze wereld nog ruimte voor compassie?  Voor medeleven? Voor zorg voor de kwetsbaren en het weerloze?

Ook in Almere zien we een zorgelijke ontwikkeling. De laagste opkomst van Nederland en een grote groei van klimaatontkenners  en extreemrechts. 
Stijgende brandstofprijzen lijken zorgelijker gevonden te worden dan de toekomst van onze planeet. Er lijkt momenteel weinig ruimte in de hoofden en harten om zich druk te maken over de dieren, de natuur, de toekomst van onze kinderen.

Dat vertaalt zich ook in een voor ons erg teleurstellende verkiezingsuitslag. Maar ook met één zetel zullen wij, de stem van de stemlozen, blijven vertolken. Zullen wij blijven vechten voor alles wat weerloos is.

De Partij voor de Dieren heeft vier jaar geleden verantwoordelijkheid genomen. Vier jaar lang werden we geconfronteerd met financiële tegenvallers en zware bezuinigingen. 
Desondanks liepen wij niet weg toen het moeilijk werd. De Partij voor de Dieren heeft laten zien dat besturen en vasthouden aan je idealen wel degelijk samen kunnen gaan. Wij hebben bijgedragen aan oplossingen. Aan de stad een stukje beter voorbereiden op de grote uitdagingen van onze tijd: de klimaatverandering en de vernietiging van de natuur en de biodiversiteit. 
Dankzij deze coalitie is Almere weerbaarder tegen de klimaatverandering. Treedt er dankzij ons beleid, zoals het ecologisch maaien, weer voorzichtig herstel van de biodiversiteit op. 
En krijgen dieren nu de erkenning die ze verdienen als mede-inwoners van onze stad. 
Mensen in kwetsbare posities kunnen straks gebruik maken van de stadspas en ontvangen nu automatisch kwijtscheldingen en toeslagen waar ze recht op hebben.

Voorzitter. 
We zijn er nog lang niet. Deze grote uitdagingen van onze tijd worden niet kleiner, en daar komen nog uitdagingen als netcongestie en woningschaarste bij. De wereldvrede kunnen wij in Almere helaas niet bewerkstelligen, maar we kunnen wel, ernaar streven dat Almere zijn steentje bijdraagt aan een betere wereld, voor al onze inwoners, mens en dier.

Wij realiseren ons, dat onze positie in de raad, nu anders is met één zetel. En dat men wellicht niet als eerste naar ons kijkt. 
Maar wij hebben wel laten zien verantwoordelijkheid te kunnen nemen en een stabiele bijdrage aan ons gemeentebestuur te kunnen zijn. Wij zijn bereid om nog steeds die bijdrage te leveren. 

Voor de toekomst van onze stad, de stabiliteit en de continuïteit zou het goed zijn als deze coalitie verder kan met het bouwen aan onze stad. 
Een voortzetting hiervan op welke manier dan ook, zou dan ook onze sterke voorkeur hebben. 
Aangevuld met de ChristenUnie en eventueel nog Denk, de Almere Partij en/of 50plus. De alternatieven zijn ons inziens niet realistisch. Een brede middencoalitie klinkt leuk, maar lijkt ons in de huidige situatie onwerkbaar. 
Ten eerste lijken de inhoudelijke verschillen onoverbrugbaar. 
Ten tweede zit je dan met onbetrouwbare partijen die weglopen als het moeilijk wordt. Zelfs als men er nu uitkomt, moet je bij iedere tegenslag vrezen dat ze weer afhaken. 
 

De kiezer heeft gesproken klinkt het cliché. En dat heeft voor ons geleid tot een teleurstellend resultaat. Maar voorzitter, wij zitten hier niet voor onszelf, maar wij zitten hier voor de stemlozen, voor de dieren. 
En zij die geen stem hebben, althans, niet één die wij kunnen horen of verstaan, hebben niet mogen kiezen. Als de dieren hadden mogen stemmen had de uitslag er heel anders uit gezien. Onze inzet voor hen zal dus ook zeker niet afhangen van het aantal zetels dat wij hebben. Wij blijven hen een stem geven.